De zoektocht naar de maan.
Net als zovelen trok ik er gisteren op uit, met statief, fototoestel en nieuwsgierige blik, op zoek naar dat ene magische moment, de maan die langzaam in de schaduw van de aarde zou verdwijnen. Aanvankelijk
De schoonheid vereeuwigen, met camera en hart. Het juiste moment vastleggen, genieten van elke stap.
Net als zovelen trok ik er gisteren op uit, met statief, fototoestel en nieuwsgierige blik, op zoek naar dat ene magische moment, de maan die langzaam in de schaduw van de aarde zou verdwijnen. Aanvankelijk
Ik stond stil en genoot van het moment. De regen viel zacht, als een gordijn van zilveren draden die de wereld omhulden. Voor me lag het licht, achter me de regenboog die het donker met
Daar stond je, aan de waterkant. Je ogen priemend naar het rimpelende water, zoekend naar die ene beweging.Elk spiertje in je lichaam gespannen,elk zintuig scherpgesteld.Als een boog die op het punt staat los te laten,
Terwijl de wereld nog sliep en de nevels als sluiers over de velden lagen ging ik deze ochtend nog eens met de fiets op pad in de Damvallei. Op een bepaald moment kwam ik een
Fragiel hangend.Intens verlangendnaar de eerste stralen. Een streepje zon.De dag is nog prilmaar een beetje warmtemaakt een wereld van verschil.
Blaadjes zacht als zijde.Zo teer.Zo broos.De ranke stengel.Fier rechtopmaar buigzaam de wind trotserend.Even maar in bloei.Kort maar intens.Zo puur,met zoveel vuur.Zoals ze plots verscheen,gaat ze even snel weer ergens heen. Misschien wel naar een zieltje
Het landschap verschijnt,omhuld in een waas,waar nevels zich vleien. De stilte die zingt,onder takken,waar koele lucht ontspringt. Dan verschijnt ineens het licht.De ochtendzon roept.De dag is in zicht.
Terwijl ik met mijn fiets over een brugje reed nabij de ingang van het natuurgebied Bourgoyen-Ossemeersen, viel mijn oog op een grote zilverreiger iets verderop in de sloot. Ik plaatste mijn fiets aan de kant,
Zonder zorgen,zo licht en vrij.Niet denkend aan morgen,alleen jij en mij. Aanwezig in het nu,een moment zo puur.Dobberde je op het water,omringd door ontluikende natuur. In je ogen, een glinstering,helder en rond,zag ik de zon,die
Deze morgen passeerde ik een dode populier waarop zwavelzwammen stonden te blinken in de zon. Hun levendige gele en oranje tinten leken wel oplichtende vlammetjes, een contrast met het sombere hout waar ze op groeiden.